LET OP: Voor een juiste werking van deze website dient u JavaScript in te schakelen voor deze browser.
Website opnieuw laden

CGJO - Christelijke Gereformeerde Jeugdwerk Organisatie - Nieuws

Nieuws

Jeugdtrends 2018

05-03-2018

jeugdtrends2018.jpg

‘Ergens-’ en ‘overal-jongeren’, schijnauthenticiteit en jeugdwerkbubbel. Geen kandidaten voor woord van het jaar, maar termen die in deze Jeugdtrends 2018 naar voren komen. In vijf trends schetsen de Jeugdtrends 2018 een beeld van onze jeugd.

Jeugdtrends 2018

‘Ergens-’ en ‘overal-jongeren’, schijnauthenticiteit en jeugdwerkbubbel. Geen kandidaten voor woord van het jaar, maar termen die in deze Jeugdtrends 2018 naar voren komen. In vijf trends schetsen de Jeugdtrends 2018 een beeld van een leefwereld in ontwikkeling van (christelijke) jongeren. Verschillende jeugdorganisaties uit de breedte van christelijk Nederland dachten erover mee, om samen handvatten te geven om aan te sluiten bij de (geloofs)wereld van een nieuwe generatie.

In 2017 meldden we met de Jeugdtrends dat de jeugd verzuipt in informatie, terwijl ze hongert naar wijsheid. Dat laatste is nog steeds aan de orde, maar de hoeveelheid informatie die jeugd toelaat wordt steeds meer gefilterd. De jeugd kiest voor filters die ze helpt om (tijdelijk?) duidelijkheid te vinden in een verwar(ren)de wereld van meningen en mogelijkheden. De Jeugdtrends 2018 gaan in op deze filters.

1. ‘Ergens’ of ‘Overal’

Het verschil tussen jongeren onderling kun je duiden als een verschil tussen ‘ergens-jeugd’ en ‘overal-jeugd’. Een term die we ontlenen aan David Goodhart.

‘Ergens-jeugd’ kijkt naar en kiest eerder voor het belang en het behoud van de omgeving zoals ze die kennen. Deze jongeren accepteren dat verandering tijd kost en begrijpen eerder dat hun omgeving hier moeite mee heeft. Ze geven duidelijk hun grenzen aan bij wat ze wel en niet willen veranderen. De ‘ergens-jeugd’ voelt zich meer verbonden met de plek van opgroeien. Hierdoor spelen afkomst, familie, nationaliteit, tradities en woonplaats een grotere rol in hun zelfbeeld. Het maakt daarbij niet uit of ‘ergens-jeugd’ vanuit een villa- of een arbeiderswijk denkt; het gaat over hun eigen ergens.

‘Overal-jeugd’ kijkt naar en kiest eerder voor ruime mogelijkheden. Deze jongeren richten zich meer op het ideaal dat bereikt kan worden. Zij verwachten dat veranderingen voortvarend doorgevoerd worden en dat er onderweg altijd nog aanpassingen mogelijk zijn. De ‘overal-jeugd’ is meer gericht op de mogelijkheden die ze buiten de eigen omgeving zien. Hierdoor spelen netwerk, onafhankelijkheid en flexibiliteit een grotere rol in hun zelfbeeld. ‘Overal-jeugd’ laat daardoor de banden met de plek waar ze vandaan komen niet los, maar ervaart het ook niet als een grens waar ze binnen willen blijven.

Vanuit dit verschil in mentaliteit, vinden jongeren aansluiting bij gelijkgestemden. Ook accepteren zij met name informatie van de (sociale) media waarin zij hun mentaliteit herkennen. Het gaat daarbij om een mentaliteitsverschil dat zich niet laat vangen in de bekende indelingen van alleen bevolkings-, leeftijds-, opleidings-, politieke of sociale groepen. Het loopt overal dwars doorheen, dus ook door de kerk en jouw jeugdgroep.

Dit verschil in mentaliteit maakt dan vooral uit hoe jeugd naar hun omgeving kijkt en werkt als een filter, dat vrijwel overal overheen ligt.

In het ontdekken van wie ze zijn, spelen alle hierboven opgesomde onderdelen van culturele, nationale, sociale en religieuze identiteit nog steeds een rol. Binnen die identiteit richten ze zich meer op of ‘ergens’ of ‘overal’. Dit verschil wordt door de media en de politiek uitgespeeld en uitvergroot. De  tussengroep die niet zo heel uitgesproken bij één kant hoort, denkt per situatie genuanceerder na dan er aandacht voor is in het publieke debat. De tussengroep wordt door het aandacht geven aan de twee uitersten overstemd.

2. Scheidslijn

Door het uitvergroten van verschil in mentaliteit loopt er een nieuwe scheidslijn door de samenleving. Jongeren vinden het lastig om elkaar te begrijpen. De ‘ergens-jeugd’ vindt het belangrijk om rekening te houden met en je aan te passen aan de plek waar je woont, terwijl de ‘overal-jeugd’ het belangrijk vindt dat de plek waar ze woont rekening houdt met en zich openstelt voor nieuwe ontwikkelingen. Het uitvergroten van het verschil zie je terugkomen in discussies over bijvoorbeeld vluchtelingen, gender en zwarte piet. Ook onder christenen zie je vurige bepleiters van beide kanten die allebei benadrukken dat hun standpunt onlosmakelijk bij hun identiteit hoort. Deze kloof overbruggen blijkt erg ingewikkeld.

Kerken die zich richten op het instandhouden van tradities kunnen daarin een veilige plek zijn voor ‘ergens-jongeren’. ‘Overal-jongeren’ vinden die kerken dan benauwend en gaan op zoek naar andere kerken of richten eigen initiatieven op. Initiatieven met grote hoopvolle ideeën, maar het ‘hoe-dan’ is ingewikkeld.

3. Schijnauthenticiteit

Je kwetsbaar opstellen, eerlijk zijn over jezelf (#nomakeup, #nofilter): het mag! En dat is mooi. Het past in de trend dat je ‘je eigen product’ bent. Het gaat erom te laten zien wie je bent, wat jou raakt en wat anderen daarvan mogen zien. Profilering is daardoor menselijker en toegankelijker. Je hoeft jezelf niet altijd alleen van je mooiste kant laten zien, maar kunt écht mens zijn (ergens of overal).

Tegelijkertijd: hoe echt zijn die ‘authentieke’ boodschappen nu? Voorbeeldfiguren bedenken vooraf heel goed hoe ze een bericht de wereld insturen. Neem bijvoorbeeld de ‘real life’ documentaire Five Foot Two van Lady Gaga waarin ze heel kwetsbaar te zien is, of de break ups die vloggers openlijk delen. Aan de ene kant authentiek, aan de andere kant van moment tot moment gescript en ingezet met slechts één doel: verkoop of likes: schijnauthenticiteit dus. Zelfs je kwetsbaarheid moet zo ongeveer perfect zijn. Dit legt voor de jeugd weer een nieuwe sociale druk om mee te doen in een werkelijkheid die je dan wel zelf moet creëren. Een deel van de jeugd kiest er bewust voor om niet (altijd) mee te doen: ’Ik kies soms voor eenzaamheid in plaats van dat ik mijn masker afzet en mijzelf kwetsbaar opstel.’

4. Prestatiedruk

Jongeren ervaren vaak veel druk. Zelfs momenten van ontspanning zijn niet meer vrij van druk. Ze ‘moeten’ eruit halen wat erin zit. Ontspanning moet een belevenis zijn, die gedeeld wordt met de vrienden en familie. Daarbij moet een belevenis ook nog je leven op één of andere manier verrijken en vraagt de docent CKV er zelfs een verslag van te maken. Bovendien moet er ook gereageerd worden op andermans belevenissen. En daar komen de bekende verwachtingen van ouders en school nog eens bovenop. Alles bij elkaar zijn er zoveel verwachtingen in zoveel verschillende situaties, dat even op adem komen door de jeugd als een luxe wordt ervaren. Een van de reacties van jongeren is om zich, bewust of onbewust, terug te trekken in een eigen (ergens- of overal)bubbel. Dat scheelt het filteren van heel wat informatie.

Het gevolg van de constante druk is dat een groeiend aantal jongeren vastloopt. Moeheid wordt door bijna de helft van de jeugd ervaren, naast gevoelens van stress en bezorgdheid.

5. Inclusief

Jongeren ervaren nog nauwelijks iets van een generatiekloof. Netwerken doen ze graag en gelijkgezindheid is daarbij belangrijker dan leeftijd. Jongeren staan open voor het delen van levenservaring. Hierbij speelt mee dat generatiegrenzen steeds vager worden en ook korter op elkaar lijken op te volgen. Wel is wederkerigheid een belangrijk begrip: leren van elkaar en niet ‘de oudere heeft de wijsheid in pacht.’
Als er nog een generatiekloof bestaat, dan komt dat idee vanuit de oudere generaties, die jeugd in kaders van leeftijdsgroepen en sociale achtergronden indeelt en daarbij de mentaliteitskloof - het verschil tussen ‘ergens’ en ‘overal’ niet meeneemt. Uit grootschalige Engelse en Amerikaanse onderzoeken blijkt dat jongeren ook in de kerk behoefte hebben aan meer inclusiviteit. Niet meer een aparte ‘jeugdwerkbubbel’, maar meer samen doen. Groepsvorming rondom interesse, passie en geloof.

#Hoedan?

Jongeren snakken naar mensen die de realiteit van de ruwheid en rauwheid van het leven benoemen en daarop voorbereid te worden. Denk aan burn-out, God niet snappen, ruimte voor het lijden, onrecht. Door de hoge verwachtingen waarmee de jeugd opgroeit, lijkt het alsof alles in één keer meteen goed moet. Iets overdoen, of er je tijd voor nemen, voelt als een onmogelijke luxe of als falen. Er wordt te veel ingezet op het creëren van ideaalbeelden, waarin de jeugd grotendeels zelf verantwoordelijk is voor hun geluk, en dat is hard werken. Wie laat er nog zien dat je keihard en jarenlang moet oefenen voordat je de top bereikt?

Jongeren kijken naar die mensen die ruimte geven aan alle, ook de minder mooie, kanten van het leven. Die dit benoemen en hen laten delen in hun eigen struggels. De jeugd zoekt zoals altijd naar rolmodellen die het goed voor elkaar hebben, maar ze zoeken nu rolmodellen die ook over de worsteling willen vertellen en de rauwheid van hun leven willen delen en daarin herkenning vinden vanuit hun mentaliteit.

Lees hier concrete handvaten om dit toe te passen!

  • Bij de woorden jeugd en jongeren denken we aan de leeftijd van ongeveer 12 tot 20 jaar.
  • De Jeugdtrends 2018 baseren zich op de brede blik van verschillende jeugdwerkorganisaties, zonder daar een wetenschappelijke claim aan te hangen.
  • De Jeugdtrends worden sinds 2014 op initiatief van het NGK Jeugdwerk opgesteld. 
  • Aan de Jeugdtrends 2018 werkten volgende personen/organisaties mee:
    • NGK Jeugdwerk - Paul Smit, Martine Versteeg en Monique Terlouw,
    • Jong Protestant (JOP) - Nelleke Plomp en Ronnie Zuidam,
    • Praktijkcentrum GKv - Anko Oussoren,
    • MissieNederland - Dorina Nauta,
    • Welzijnskwartier Katwijk - Sanne Alblas,
    • Christelijk Gereformeerd Jeugdwerk Organisatie (CGJO) - Jenne Minnema,
    • Huis van Belle - Demi Verbraeck,
    • Landelijk Contact Jeugdwerk (LCJ) - Gertjan de Jong,
    • Navigators LEF - Marina Bouman,
    • Youth for Christ - Mirjam Oosterhoff.

WEBCOMP online media